zaterdag 28 januari 2017

een rustige dag in sprimont

Het is zaterdag 21 januari en we hebben twee doelen voor ogen. Het eerste: alles heel erg op het gemak doen, het tweede: de grotten in de steengroeve in Sprimont bezoeken. 'wij' dat zijn Heide, Leonie, Lucie en Bram. Die grotten dat zijn de Gouffre Perseverance en de Enfer-Fissures.

Het is al bijna 11h voordat we vertrekken op spekul. Rustig aan. Tegen de middag komen we dan aan in Sprimont. Er zijn daar twee steengroeves, en uiteraard weten we niet welke we moeten hebben. Het duurt niet lang voor we doorhebben dat we de andere groeve moeten hebben. Eens daar aangekomen herken ik de groeve wel, maar niet van de vorige keer dat ik de Enfer-Fissures gedaan heb, eerder van een keertje lang geleden (Kaas en Wijn 2011?) dat we helemaal geen grot gevonden hebben!
Overzicht van de groeve

Soit, we gaan toch maar op verkenning... Na een tijdje merken we een dunne elektrische draad op die op de weg ligt: een detonatiekabel! We maken rechtsomkeer, terug naar de ingang en volgen een andere weg de groeve in. Onze zoektocht naar de Perseverance wordt snel beloond. Niet met een grot, maar met een mooie vos die op de tegenovergestelde helling rondloopt en zich van ons niets aantrekt. Precies een berggeit! Waar de Perseverance zou moeten liggen vinden we enkele losse stenen en grond.
Gouffre Persévérance Coin Bébert Déom (foto Albert Briffoz)

Ondertussen hebben we ontdekt dat het ene einde van de detonatiekabel nergens aanhangt, en dus wagen we ons weer op het hoofdpad. Snel blijkt dat ook de andere kant nergens aanhangt... Na een kort wandelingetje komen we aan bij het andere einde van de groeve. Hier is ook een ingang: eentje die ik herken en vlakbij ligt de ingang van de Enfer (of is het de Fissures?). Sinds de laatste keer dat ik deze grot bezocht, is het grondniveau een paar meter opgehoogd, maar de uitbater is blijkbaar zo goed geweest een betonnen koker met ladder te voorzien zodat de grot toch nog toegankelijk is.

Werken aan de nieuwe ingang (12 dagen lang)

Nieuwe ingang
Het is al rond half twee eer we eindelijk in de grot afdalen. Had ik al gezegd dat we alles rustig gingen doen? Even ben ik verbaasd wanneer, vlak na de ingang, de weg versperd wordt door een reeks maagdelijk uitziende stalagmieten. Snel blijkt het om ijsstalagmieten te gaan: heel mooi, maar ze overleven onze doortocht niet.
Ijsstagalmieten met een tweede leven als lightsaber

Na enkele putjes en wat gekreffel komen we aan bij een vast equipement dat nog net betrouwbaar genoeg lijkt. Hierna volgt een traversee waarvan het equiperen wel wat tijd kost en een volgende put. Nog even rondkijken en het is het weer tijd om terug te keren.
Alles bijeen een heel fijne sportieve moddergrot die best wel eens meer op het programma mag staan. Als iemand een degelijke topo heeft zou dat handig zijn.
Bram

Equiperen:

De touwlengtes op de site van avalon zijn een stuk te kort (waarschijnlijk voor enkele ankerpunten), dus doe het eerste touw +10m, de rest +5 en verdubbel het aantal musketons.

Putten: 7m, 7m, 5m klimmen, daarna putten 15m, 25m

Wegbeschrijving:

Neem op de E25 afrit 45 (Sprimont), op het rond punt na de afrit direct naar rechts en die baan even volgen. Je gaat rechtdoor op een vreemdsoortig dubbel rond punt; enkele straten later naar rechts: de 'Rue Lileutige'. Je komt snel een koekjesfabriek tegen waar je kan parkeren, rechts van die fabriek is de ingang van de groeve. Na een kort wegje zie je de ingang van de grot links liggen. Je mag de groeve alleen binnen als men niet aan het werken is.

PS Albert Briffoz (beheerder vd grot) is zo vriendelijk geweest mij extra informatie (o.a. een veel betere topo) door te sturen.






dinsdag 15 november 2016

Een tripje naar de "Alto del Tejuelo"

In de reeks exploraties in het systeem van de Alto del Tejuelo waren we eind oktober met 4 dapperen (Dirk, Koen, Thomas en Walter) om nog eens een paar dagen ondergronds te gaan. De exploraties waren dit keer verplaatst naar een nieuw gebied waar het plan is om het topowerk over te doen en uit te breiden. Er blijkt dat vooral de logische galerijen getopografeerd zijn en niet de kleine zijgangetjes, welke vaak connecties en lopende meters opleveren.

Laatse puttenreeks (foto Dirk H.)

De gang van zaken was opnieuw standaard: 's morgens met de auto naar CRL airport, wachten, opstijgen, vliegen, landen, auto afhalen, eten kopen, gaan eten, Jordi en co opzoeken en hopla naar de grot.Voor Thomas en mij is het de eerste keer in dit deel van het systeem en de verwachtingen zijn hoog.

De approche is tamelijk kort, maar mooi, door een idyllisch bos. De afdaling in de putten, magnifiek, maar kort (175m) waarna we een stuk stappen en een laminoir passeren om u tegen te zeggen. Om mijn sherpa te sparen gebruik ik de roltechniek, welke ook door Thomas werd overgenomen. Walter en Dirk gebruiken de koppige sleeptechniek.
Uiteindelijk komen we na een goeie 2u aan in de bivak, een onvoorstelbare plaats. Een welkomstbord in meerdere talen, stromend water (allé na een tijdje toch), ledverlichting, matrassen. Voor een bivak zeer ruim en comfortabel en toch gezellig.


Ongezien: vaste ledverlichting in de bivak


Vanuit de bivak is het een 10 minuten stappen tot een aaneenschakeling van grote zalen. De dimensies zijn zeer indrukwekkend en dit op foto krijgen echt niet gemakkelijk.
De exploraties leverden ons deze keer, naast vele topometers (1600m), een paar vraagtekens op, die we verder zullen moeten onderzoeken.

Wat een dimensies!



Op onze laatste dag hebben we dicht bij de bivak, via een zijgangetje in de grote zaal, meerdere galerijtjes gevonden die één na één dichtliepen. Thomas vond toch de Jackpot, met een grote actieve put die mogelijk de connectie met de Passadas betekent, dus weer een pak meters erbij.


 



Connectie met de Passadas? (foto Dirk H.)


Equiperen-of was het desequiperen? (foto Dirk H.)

 
Ijdele Walter ;-) (foto Dirk H.)



Grote zalen vragen veel licht.... (foto Dirk H.)

Kleine wat minder.... (foto Dirk H.)

De Belgische helden ;-)


Voor een keertje ook genieten van de omgeving op de terugweg


En een terraske doen eind oktober: perfect! (foto Dirk H.)


cueva helada Casteret

Tijdens een tripje in het prachtige Ordesa park in de centrale Pyreneeën kan een bezoekje aan de ijsgrot nabij de Breche de Roland niet ontbreken. 't was natuurlijk niet het meest geschikte seizoen om ijsconcreties te zien, en ook de opwarming van de aarde zal er niet aan meewerken maar de marche d'aproche en de omgeving zijn van die aard om dus toch redelijk enthousiast terug te kijken. Vertrokken vanuit Spanje, de parking voorbij Torla kom je na een stevige tocht van zo'n uur of 5 (wegens nogal geladen) aan de Refugio Goriz .. We besloten nog een stuk verder te gaan en te bivakkeren een uurtje van de refuge verwijderd.


Vanaf onze kampplaats was het zo'n 2 uurtjes naar de Cueva Casteret. Het pad ernaar toe loopt door een prachtig woestijnlandschap.  Met op het laatst een redelijk steile klim over los gesteente.




De grotingang bevindt zich in de flank van de berg die verder doorloopt tot aan de Breche de Roland.

Klaarblijkelijk is er momenteel een hek geplaatst, waarvan de bedoeling me grotendeels ontgaat, want je kan er gewoon los onderdoor lopen.  Sedert mijn laatste bezoek is de ijsmassa nogal verminderd, maar zoals eerder gezegd het is begin november niet het meest optimale seizoen voor de ijsvorming. (overdag, met stralende zon moet de temperatuur er wel zoiets van een 18 graden geweest zijn.)
Aangezien we geen steigklemmen, ijshaken  etc. mee hadden hebben we de afdaling naar het kleine onderliggende zaaltje gelaten voor wat het was...





Nog even praktisch : we vlogen met Ryanair naar Zaragoza, van waar het zo'n 2 uur rijden is tot aan de toegang tot het Nationaal Park van Ordesa .. In de zomermaanden is de omgeving expliciet te mijden wegens de massale toevloed van toeristen en wandelaars die meestal via een dagtrip door de Canyon tot aan de refugiee gaan.  Begin november was de tocht tot aan Goriz nog steeds redelijk druk, maar eens voorbij de refuge was het rustig en hadden we de berg grotendeels voor ons alleen.  

(canyon d'Arazas)

zaterdag 8 oktober 2016

Een potje canyoning

Vermits het hier helaas uiterst stil is op de blog en omdat een klein aantal spekulozen toch nu en dan eens een canyon afdalen, hier nog eens een klein canyonberichtje.

Als laaglander een datum prikken in de Alpen is niet zonder gevaar, bij slecht weer moet je dus altijd een plan B hebben.
Plan A: klimmen in Chamonix
Plan B: canyoning.

Het werd plan B en dus hop naar de streek van Samoëns voor wat canyons. Vermits het ook in Frankrijk erg droog was, moesten we toch improviseren om geen droge canyons te doen.

Na de gebruikelijke ettelijke uren vegeteren en zeuren in de auto komen we in de namiddag aan in Les Cluses, om daar een eerste canyon van 2,5 u te doen. Om het niet te moeilijk te maken, de Rots de Balme, een mooie speelcanyon volgens verschillende bronnen. Goed begonnen met een paar rappels in voldoende water, maar uiteindelijk bleek het meer een wandelrivier dan een canyon. Score 2/10, enkel geschikt met kinderen rond de 6 jaar...

Mooi begin, maar dat was het dan
Wat ontgoocheld gingen we op zoek naar een slaapplek en uiteindelijk vonden we toch een zalig bivakplekje met uitzicht op Mont-Blanc range, wat de dag dan toch echt goed maakte: wat eten, zeveren en pintjes drinken en de tent in.




De volgende dag stond de Giffre op het menu. Een geëngageerde aquatische canyon, waar toch een mooi debiet in stond. Zeker de moeite voor wie fan is van ingesneden horizontale canyons en de sprong van 14m aan de brug aandurft. (Ik heb lang staan dralen :-s) Stevig om mee te starten! Deze canyon is zeker niet te onderschatten, vermits het debiet van 1,5 m³/s op sommige plaatsen door een heel kleine doorsnede moet en je dus op je hoed moet zijn om niet meegesleurd te worden. Er zijn een paar rappels, wat sprongen en het laatste stuk is zeer feeëriek!

Het laatste deel van de canyon



Na de Giffre besloten we nog snel de Clevieux af te dalen, dat was toch in de richting van waar we de volgende dag  moesten zijn. We stapten in neopreen in de auto, op naar de volgende plek (precies in boerkini eigenlijk. Ik weet niet of je dat in de auto mag dragen?). Vermits er regen/onweer op komst was hebben we ons gehaast, want deze canyon kan razendsnel zijn debiet verhogen bij een crue en dan dodelijk gevaarlijk worden. Op 30 min ipv een uur deden we de ca 10 korte rappels van deze canyon. Kort maar zeer mooi ingesneden!

Net toen we de canyon verlieten begon het te regenen en reden we door naar Sixt (Fer à Cheval), waar we een sympathieke gite vonden voor 22 euro per persoon en op kosten van het huis een heerlijk Belgisch biertje voorgeschoteld kregen en een genepi. De nacht bracht ons twee aardbevingen (echt waar!) en veel regen. We konden dus vol goeie moed de Vogéalle gaan doen de volgende dag.



De regen had wonderen verricht, we konden de canyon in een stevig debiet afdalen. Een approche van 1u30 met prachtig uitzicht brengt ons aan het begin van de "beek", die we eerste een 10 minuten moeten afstappen.
De Vogealle is een aaneenschakeling van rappels: 5m, 60m, 15m, 27m ( niet 25m!!!), 45m, 40m en 2 maal 60m in een mooi ingesneden Schistgesteente met prachtig uitzicht op de vallei. Na de tweede rappel, zit je eigenlijk continu vast aan het touw, van relais naar relais. Na de eerste rappel waren we al flink gejost, doordat het touw muurvast zat. Gelukkig wat dit de enige plaats waar een "échappatoire" was, dus na een uur geklooi hadden we ons touw terug. Wat verder miste een steen van 20 kg net mijn hoofd al werd mijn linker voet net geraakt, zonder veel erg.




Na een uur of 4, rappelden we de magnifieke eindwaterval af en konden we nog rustig afsluiten in de gite met een 4-gangenmenu, een hoop bier, whisky en genepi :-) 
Toch weer een geslaagd tripje om eerlijk te zijn!

woensdag 25 mei 2016

Hormigas continued

In maart werd er in Cantabrië verder geëxploreerd in de Hormigas om een mogelijke connectie te zoeken met de Canto Encaramado. Half mei gingen we het er nog eens op wagen.
Na een vlotte vlucht, stukje rijden, iets eten, naar de col rijden en een stukje stappen, zijn we rond 21u in de bivak.

Onze luxe bivak op -220m
 

Dirk en Thomas blijven lang achter ons (Oswald, Walter en Koen) en na een tijdje staan we op het punt om te gaan kijken of er iets aan de hand is. Bleek dat één van de touwen stevig beschadigd was (mantel op meerdere plaatsen doorgesleten) en dus vervangen diende te worden. Mij was wel opgevallen dat het touw zijn beste tijd achter zich had gelaten, ma bon, dit was wel bizar. Soit, nog iets klein eten en de volgende ochtend op pad naar "no country for old men". Eens ter plaatse bleek het niet zo vanzelfsprekend om door de gatenkaas de juiste weg te vinden, maar na wat nieuwe verbindingen tussen getopografeerde delen te maken raken we beneden en wurmen Thomas, Walter en ik ons door de verbrede gang en plaatsten we 3 plopkes om dan te concluderen dat verder gaan geen zin had. Gelukkig hadden we een CO-peter bij, namelijk Thomas (er waren geen vrouwen mee, dus konden we geen CO-meter hebben), die ons verzekerde dat de kust veilig en COnvenabel was. Vermits het topogerief vergeten was in de bivak, was het dan maar tijd om terug te keren.

De CO-peter
Galeria de las Maravillas

Galeria de las Maravillas
Thomas in vol ornaat
Op dag twee wilde Dirk een P86 gaan bekijken die zeer dicht in de buurt van de Canto Encaramado kwam en mogelijk de put was die hij ooit door een "venster" vanuit de Canto zag, maar wegens "einde van de dag" en vreselijk ver van de bivak aldaar nooit was afgedaald of omhoog gegaan.

Thomas aan de P86

Ik was vrijwilliger om af te dalen, maar ondanks een hoopvol gat in de wand bleek er zich geen reflector te bevinden, die Dirk zou achtergelaten hebben. Spijtig! Terug naar de bivak en onderweg nog eens hier en daar uitkijken, maar door een plotse expressieve maagcontractie of drie van mijn kant, lonkte de bivak opeens heel hard. Een theetje, een banaan en een goede nachtrust deden wonderen, waarna dag drie ons toch wat topometers zou moeten brengen.

Hop opnieuw langs de spouwbeek van gisteren en verder zoeken naar een vervolg. Na een meander en wat blokkenstort te topograferen komen we op een zaaltje uit dat een vervolg in de goede richting heeft. 

Ben ik nu aan 't beven?
Iets eten...
en nog iets eten...
Onze topoman Dirk
Wat creatief desobstrueren geeft ons weer hoop om verder te geraken en we vinden een gangetje met perspectieven. Alleszins komen we hier  volgende keer terug met grof geschut om de connectie te maken (of de keer erna. 

We besluiten om diezelfde avond naar buiten te gaan en om 20u50 staan we in de mist te glunderen. Nog even twijfeldend de auto terugvinden en naar de cabane van Anthonio waar een verrassend lekkere maaltijd op ons wacht. 

Enkel blije gezichten :-)



dinsdag 19 april 2016

dagje explo in Alto Tejuelo

dinsdag 29 maart, 7 uur , al vroeg uit de veren. De rit over de col de L’Espina is deels in de mist gehuld. Het prachtige uitzicht van hieruit op de baai van Santander is verborgen in een laaghangend wolkendek. Maar het regent niet, en dat is belangrijk. 
Hormigas, waar we naar toe gaan ligt nl. een uurtje stappen van de plaats waar we de auto achterlaten. En we willen er liever droog aan beginnen.
De puttenreeks tot - 220 is snel afgedaald, en dan lopen we zo’n half uurtje door de mooie galerie de las Maravillas. Tot aan de ingang van “Hijas del Pez” , galerijtje dat meer de allure heeft van Belgische grotten .. modderig, kruipen, omhoog klefferen, blokken, etroitures enz. Op het einde van deze gang ligt ons objectief, een eerder ontdekt gangetje, te smal om te passeren … Maar met een tocht die ons heeft doen besluiten terug te keren met adequate middelen om te zien wat er zich achter bevindt.
We zitten hier nl. slechts een 50 tal meter van de eindgalerij van Canto Encaramado. En een verbinding zou ineens het systeem zo’n 5 km. groter maken. Maar zover zijn we dus nog niet, eerst wacht ons het verbreden van het gangetje over zo minstens een 3 meter. Daar lijkt het breder te worden. In tegenstelling tot vorige keer, is de tochtstroom veel minder markant, en raar ook niet continu. Soms komt de tocht in ons gezicht, even later zuigt het gangetje de lucht aan. Al snel starten de verbredingswerken: gat boren , lading plaatsen, kabel … en boum … aangezien we slechts een 5-tal meter van de werkzaamheden zitten is de knal nogal hard, en zitten we asap in dichte rook als gevolg van de boum.
De uren verlopen, en langzaam vorderen we , de grotere ruimte kunnen we duidelijk zien nu, maar na de verbreding lijkt er zich nog een versmalling te bevinden, waarachter we een dwarsgang zien/vermoeden. Na zo’n 4 uur wurmt Piet zich op zijn zij in het nu breed genoeg zijnde gangetje. Hij komt tot aan de verbreding, waar er een putje onder zit van een paar meter. Maar verder door wordt het terug smaller. Hier boren wordt wat problematisch op zij liggend in het gangetje. Ook ik waag een poging, maar stop op dezelfde plaats als tot waar Piet geraakt is. Probleem is dat als je hier verder gaat, en je niet door de voorliggende versmalling raakt, je achterwaarts al schuifelend moet zien terug te raken tot voor de verbrede gang. De tochtstroom bevordert de zaken niet, het gangetje lijkt te ademen. Rook die na een “boum” verdwijnt naar de ruimte erachter komt soms na 5 minuten terug naar de plaats waar we zitten. Raar… 17 uur : We besluiten het hierbij te laten, ook al omdat we nog de ganse weg terug te gaan hebben. 
Zo rond 21’30 staan we terug buiten op de berg, het is nog droog. We stappen de berg af, en rijden terug naar de cabanne van Antonio, onze verblijfplaats, deze week in cantabrië. We hebben er een grotdag van 13 uur opzitten. In de cabanne wachten de madammen (Tine en Kathleen) met kaasfondue en de bijhorende aangepaste wijnen .. Santé

Luc, Piet, Dirk
(lasthond Mac klaar voor een portage naar de grotingang)
Reeds worden de plannen gesmeed om terug te gaan en het mysterie van het gangetje achteraan Hijas del Pez op te lossen.)